Meer Contact wérkt dankzij deze 4 werkzame elementen

Meer Contact richt zich op het aanpakken en (beginnen) te doorbreken van negatieve gedachten (cognities) en het verbeteren van sociale vaardigheden. Ook de onderdelen netwerkverbreding en standaardverlaging komen aan bod. Afhankelijk van de problematiek en behoefte van de deelnemer pikt hij of zij informatie en vaardigheden op uit het programma.

Deelnemers over Meer Contact

De werkzame vinden hun oorsprong in de onderbouwing (zie vorige pagina). In de infographic hiernaast zijn kort opgesomd. Deelnemers pikken deze elementen eruit:

  • Negatieve gedachten en de zichzelf versterkende negatieve spiraal van eenzaamheid, is voor veel deelnemers herkenbaar en nieuw.
  • Sociale vaardigheden: vooral de onderdelen luisteren, uit laten praten, vragen stellen en complimenten maken, worden vaak genoemd als zaken waar men meer op wil letten.
  • Netwerkverbreding: deelnemers die voorheen moeite hadden hadden met het aanknopen van een praatje, doen dat nu veel makkelijker.
  • Veel voorbeelden: door de vele voorbeelden komt de stof echt tot leven en wordt het makkelijker de informatie toe te passen op het eigen leven. De voorbeelden werken ook inspirerend. 
  • Deelnemers ervaren de toonzetting en de sfeer van de training als bijzonder prettig en uitnodigend. Meerdere deelnemers geven aan uit te kijken naar de volgende mail.
  • Oefeningen: de oefeningen zijn klein en makkelijk uitvoerbaar. Oók voor mensen met de nodige sociale drempels. Doordat er véél geoefend wordt, krijgt het nieuwe gedrag de kans om een beetje in te slijten en om er positieve ervaringen mee op te doen.
  • De begeleiding: juist de begeleiding en het contact met de lokale beroepskracht of vrijwilliger geeft steun en verdieping.
  • Leuk om te doen: het programma is leuk vormgegeven en leest lekker weg. Deelnemers geven regelmatig aan uit te kijken naar de volgende mail. 

Deze informatie is afkomstig uit berichten van deelnemers aan Bureau Over-ons of blijkt uit de (evaluatie)gesprekken die deelnemers met lokale organisaties voeren.

Ga naar: Hoofdstuk 5 Praktijkervaringen